Caravanverzekering: preventietips

De preventietips van de Europeesche zijn onderverdeeld in 4 catagorien:

  • Inbraak en diefstal
  • Beladen van de caravan
  • Rijden met de caravan
  • Banden & Onderhoud

Inbraak en diefstal

Een caravan is een makkelijk en daardoor gewild doelwit; vooral op onbewaakte plaatsen. U kunt maatregelen nemen om inbraak en diefstal te voorkomen. Absolute beveiliging bestaat niet maar u kunt het inbrekers en dieven wel extra moeilijk maken. Meestal hebben ze haast, tijd is hun grootste vijand. Een karwei dat lang gaat duren, schrikt hen af en zij doen hun werk het liefst met eenvoudige hulpmiddelen. Met bijvoorbeeld solide beveiligingsmateriaal kunt u het diefstalrisico al sterk verminderen. Wordt uw caravan toch gestolen? Meldt dit dan direct aan de Europeesche Hulplijn (+31 20 65 15 777). De Europeesche Hulplijn zorgt ervoor dat alle benodigde caravangegevens bij een landelijk meldpunt terecht komen. U moet wel zelf aangifte bij de politie doen.

Organisatorische maatregelen die genomen kunnen worden zijn onder andere:

  • Zet de caravan zo dicht mogelijk bij uw huis
  • Indien mogelijk zet de caravan strak tussen andere voertuigen
  • Heeft u een oprit, plaats dan de dissel naar uw huis of garage
  • Plaats een goedgekeurde wielklem en of disselslot
  • Zorg dat de caravan door u of uw buren gezien wordt
  • Doe de gordijnen dicht zodat men niet naar binnen kan kijken
  • Bewaar het kentekenbewijs niet in de caravan
  • Laat geen (losse) kostbare zaken in de caravan achter
  • Laat onderweg uw auto en caravan niet zonder (uw) toezicht achter op een parkeerplaats
  • Tijdens een stop onderweg auto en caravan op slot

Beladen van de caravan

  • Berg zware spullen zoveel mogelijk onderin en in het midden van de caravan op; onderschat een stapel boeken en tijdschriften niet
  • De lichtste spullen achterin, de zwaardere meer naar voren
  • Verdeel de bagage dusdanig dat beide caravanwielen gelijkmatig worden belast
  • Zorg dat de bovenkastjes tijdens het rijden niet open kunnen gaan en dat bij het openen de inhoud in het kastje blijft liggen. Dek de inhoud desnoods met een thee- of handdoek af
  • Een veel voorkomend probleem is dat de maggifles omvalt in het keukenkastje, druppels in het houtwerk zorgen voor een blijvende, vervelende lucht. Doe de maggifles in een plastic zak en zet het onderin de keuken
  • Let op de kogeldruk bij het inruimen van de disselkast, zorg er wel voor dat u voldoende kogeldruk heeft. U kunt dit eenvoudig meten met een speciale kogeldrukmeter die u onder de koppeling plaatst. Helaas zijn er kogeldrukmeters in omloop die zeer onnauwkeurig zijn. U kunt ook een personenweegschaal gebruiken, plaats deze onder de koppeling, leg een plankje over de weegschaal, zet een balkje recht op het plankje en laat de koppeling op het balkje zakken. Let er wel op dat de koppeling bij het wegen de hoogte heeft van de trekhaak, (zet niet het neuswiel op de weegschaal, dit scheelt zo 10 tot 15 kg i.v.m. hefboom werking)
  • Om de juiste kogeldruk te kunnen bepalen is op de trekhaak naast de kogel een ovaal plaatje gemonteerd, hierop staan een aantal gegevens, bij “vertical load” staat het aantal kilo´s dat maximaal op de trekhaak is toegestaan. Overschrijdt dit niet maar houdt de oplegdruk in de buurt van dit aangegeven gewicht, u zult hierdoor een stabiele caravan achter uw auto bemerken. Te weinig kogeldruk geeft een instabiele wegligging waar bij windstoten of in afdalingen de caravan in een slinger kan raken

Rijden met de caravan

Let op! Als de caravan niet goed beladen is, kan de in werking zijnde stabilisator er voor zorgen dat u dat niet of te laat merkt. De stabilisator houdt het slingeren tegen, echter, als de caravan toch in een slinger raakt, (meestal boven de 80 km) zal de stabilisator er ook voor zorgen dat de caravan moeilijker uit de slinger terug komt. Dit kan fatale gevolgen hebben.

In het voorgaande hebben we alleen het rijden op de weg besproken. De meeste eenzijdige aanrijdingen ontstaan op campings, tankstations en landweggetjes. Een paar voorbeelden:

  • Scherpe bochten te kort genomen, geen rekening gehouden met het uitzwenken van de achterkant
  • Passeren van slagbomen die niet geheel rechtop staan
  • Parkeerplaatsen met een beperkte doorrijhoogte
  • Bij het tanken de auto te kort op de pomp, caravan raakt pomp bij het wegrijden
  • Aanrijding met dakgoot van campingkantoor
  • Onder laaghangende takken doorrijden (krassen op dak en kapot dakluik)
  • Startproblemen na lange stop, oorzaak koelkast
  • Advies : stops van langer dan een half uur, de koelkast 12 volt uit en eventueel op gas

Onderhoud van de caravan

Van caravanbanden wordt veel gevergd, een beladen caravan weegt gemiddeld 1.000 kg een beladen auto weegt wel meer maar staat op vier wielen, de caravan op twee. Daarbij komt dat het doorveren van de caravan als hefboom op de as werkt waardoor de belasting op de banden al gauw met 50 % tot 75% kan toenemen. Wanneer de asrubbers verouderen worden zij harder, de vering wordt hierdoor minder, bij oudere banden geeft dit een extra risico op klapbanden.

Caravans die voor langere tijd niet worden gebruikt is het aan te bevelen om de banden op te pompen tot de maximale toegestane druk, meestal 4,5 bar. Dit voorkomt dat de banden zgn. gaan wangen, het canvas zal door de hoge spanning niet snel (blijvend) vervormen. Vervormde banden worden tijdens het rijden veel warmer en klappen hierdoor ook sneller. Al zien de banden er goed uit toch is het noodzakelijk deze tijdig, na vijf jaar, te vervangen. Beschadiging van het binnenwerk (canvas) door uitdroging is op het oog niet waar te nemen maar leidt onherroepelijk tot klapbanden.

Aan te raden is om eens in de twee jaar de (toer)caravan een grote beurt te laten geven. De meeste chassis fabrikanten adviseren de remmen na iedere ca. 6.000 km af te stellen. De gemiddelde afstand die een caravan per jaar aflegt is ca. 3.000 km, de tweejaarlijkse servicebeurt is dan niet overdreven.

Het afstellen van de remmen is vakwerk, dit heeft te o.a. te maken met de juiste afstelling van de terug-rij-automaat. Als die te strak staan blokkeren direct de remmen bij het achteruitsteken en bij het vooruit rijden worden de remmen te warm en kunnen de remschoenen verbranden. Nog erger is het als het vet uit de wiellagers smelt waardoor dan een aanzienlijke (misschien ongedekte) schade kan ontstaan. Controle van de wiellagers is vrij éénvoudig, zorg dat het te contoleren wiel vrij van de grond is, dat de oploopdemper geheel uitgetrokken is en dat de handrem losstaat. Sla met een rubber hamer tegen de zijkant van de band en luister goed of er een klein, nauwelijks waarneembaar, rammeltje bij het lager vandaan komt. Als dit zo is dan heeft het lager de juiste speling, dit mag namelijk nooit te strak aangedraaid zijn. Wanneer u met uw hand op het wiel duidelijk lagerspeling constateert is het noodzakelijk een vakman te raadplegen. Het jaarlijks (na een paar duizend km) demonteren van de aslagers is niet aan te bevelen, dit geeft alleen maar kans op verkeerde afstellingen, dit doet u immers ook niet met de lagers van uw auto. Ook dient er speciaal lagervet te worden gebruikt dat tegen zeer hoge temperaturen kan, dit in verband met het systeem van oploopremmen. Wanneer de caravan op een seizoenplaats staat is het verstandig overleg te plegen over het onderhoud met uw dealer. Nogmaals, onderschat de techniek van de caravan niet en laat het onderhoud aan de vakman over.


Ga terug naar informatie over de caravanverzekering...